Wordt het zonnig, zeer zonnig of extreem zonnig?

De afgelopen jaren bestempelde het KNMI het meteorologisch jaar in Nederland steevast als ‘zonnig’, ‘zeer zonnig’ of – zoals afgelopen jaar – ‘extreem zonnig’. Ondertussen maken de vooruitzichten voor de Nederlandse zonne-energiesector een soortgelijke trend door. Ook daar lijkt de vraag de laatste tijd vooral: wordt het zonnig, zeer zonnig of extreem zonnig?

Letterlijk zonnig
Het was begin 2013 dat ik op deze plaats al eens schreef over het fenomeen dat het KNMI sinds de eeuwwisseling ieder jaar als ‘zonnig’ of ‘zeer zonnig’ bestempelde. Deze trend blijkt zich inmiddels onverminderd te hebben voortgezet. 2014, 2015, 2016 en 2017 waren allen ‘zeer zonnig’ en 2018 was zelfs ‘extreem zonnig’.

Nota bene alleen 2013, het jaar waarvoor ik destijds voorspelde dat het dan ook wel minimaal een zonnig jaar zou worden, ging als ‘vrij zonnig’ de boeken in. Het bewijst maar weer dat u bij mij beter niet voor weersvoorspellingen kunt aankloppen. Aan de andere kant, het met de voorspelling beoogde economisch herstel was er gelukkig niet minder om.

Ondanks het feit dat 2018 ook ‘extreem warm’ was, hebben deze weersomstandigheden tot recordopbrengsten bij zonnepaneeleigenaren geleid. De energieopbrengst van zonnepanelen in Nederland was in 2018 zo’n 10 tot 25 procent hoger dan verwacht. De gemiddelde oogst steeg daarmee volgens monitoringsbedrijf SolarCare naar 0,98 kilowattuur per Watt-piek.

Figuurlijk zonnig
Tegelijkertijd zijn de vooruitzichten ook figuurlijk steeds zonniger voor Nederland. Volgens de deze maand uitgebrachte Global Market Outlook 2019-2023 van koepelorganisatie SolarPower Europe behoort Nederland voor de komende vijf jaar tot de grootste groeimarkten van Europa, met daarbinnen zelfs de grootste procentuele groei:

SolarPower Europe 2019

Copyright: SolarPower Europe (2019)

Voor deze zonnige vooruitzichten zijn in elk geval twee fundamentele redenen te geven: voor de kleinere zonne-energiesystemen speelt de salderingsregeling die onlangs verlengd werd een fundamentele rol en voor de grotere zonne-energiesystemen is de investeringszekerheid die vanuit de SDE+ (en vanaf volgend jaar SDE++) subsidie geboden wordt essentieel.

Daarnaast speelt vanzelfsprekend ook het nationale Klimaatakkoord een rol. Nederland heeft als 'slechtste jongetje van de klas' een enorme inhaalslag te maken met duurzame energie en zal daarvoor de komende jaren alle zeilen – en panelen – bij moeten zetten. Daarvoor wordt dit jaar en naar verwachting de komende jaren veel extra geld vrijgemaakt.

Voorspelling
Hoe zonnig het de komende jaren daadwerkelijk gaat worden, valt natuurlijk nog te bezien. Te snel willen gaan kan averechts werken, zo hebben diverse andere landen in het verleden bewezen. In een dichtbevolkt land als Nederland zal een zorgvuldige ruimtelijke inpassing cruciaal zijn om draagvlak te behouden, zowel qua netinfrastructuur als qua fysieke ruimte.

Een parallel is er misschien wel te trekken met de huidige situatie voor nieuwbouwwoningen: de ambitie om meer nieuwbouwwoningen te realiseren wordt breed gedragen, maar de ruimtelijke inpassing blijkt in de praktijk weerbarstig. Het zal de zonne-energiesector mogelijk nog meer dan al het geval is de daken en het (open) water op drijven.

De nabije toekomst zal leren of het allemaal zonnig, zeer zonnig of extreem zonnig wordt. Ik zal me deze keer niet aan een voorspelling wagen, want geheid zal ik het weer met een ‘vrij zonnig’ moeten bekopen. Ik houd het er maar op dat de zonne-energiesector, zowel nationaal als internationaal, de goede gewoonte heeft om voorspellingen te overtreffen.

Mark Meijer - 26 mei 2019
mark@energyindeed.com

Mark Meijer MSc.
mark@energyindeed.com